Warm blijven met het drielagenstysteem: van onderlaag tot hardshell
Het antwoord is zelden “koop gewoon een warmere jas”. Comfort in de winter zit vooral in slim combineren. Daarom is het drielagensysteem al jaren het vertrekpunt bij buitensporters. Het helpt je warm en droog te blijven, maar vooral ook: het laat je toe om onderweg te schakelen wanneer je het warmer krijgt door inspanning of net afkoelt zodra je stilvalt.
In deze blog nemen we je stap voor stap mee door het drielagensysteem. Eerst leggen we kort uit hoe de drie lagen samenwerken. Daarna zoomen we in op elke laag afzonderlijk: waarom thermisch ondergoed de basis vormt, hoe je een goede isolatielaag kiest (fleece, dons of synthetisch) en waar je op let bij een beschermende buitenlaag. Tot slot kijken we ook naar de vaak vergeten details: sokken, handschoenen en mutsen — kleine stukken die op koude dagen een groot verschil maken.

Ivo is al sinds 1995 een vaste waarde bij K2 en heeft door de jaren heen een ongeëvenaarde kennis opgebouwd van alles wat met buitensport te maken heeft. Hij kent het materiaal tot in de kleinste details en test producten grondig in uiteenlopende omstandigheden. Die praktijkervaring maakt zijn advies eerlijk, onderbouwd en betrouwbaar.
Wat is het drielagensysteem?
Het drielagensysteem is een eenvoudige maar doeltreffende manier om je te kleden voor buitensporten in wisselende en koude omstandigheden. Elke laag heeft een eigen, duidelijke functie:
- Laag 1 – Thermisch ondergoed: zit rechtstreeks op de huid en voert zweet snel af, zodat je droog blijft.
- Laag 2 – Isolatielaag (fleece of dons): houdt je warm door lichaamswarmte vast te houden.
- Laag 3 – Buitenlaag: beschermt je tegen wind, regen en sneeuw, terwijl overtollige warmte en vocht kunnen ontsnappen.
De kracht van het drielagensysteem zit niet in één enkel kledingstuk, maar in het samenspel tussen alle lagen. Een technische regenjas kan haar werk niet doen als je eerste laag vocht vasthoudt, en een warme isolatielaag verliest haar effect zonder bescherming tegen wind en neerslag. Pas wanneer alle lagen goed op elkaar afgestemd zijn, blijf je echt warm, droog en comfortabel.
Collega's Arne en Stijn op wintertrekking in de Jura
Laag 1 – Thermisch ondergoed: de basis van je comfort
ontdek ons thermisch ondergoed
De eerste laag is de laag die je het minst ziet, maar die vaak het meeste doet. Thermisch ondergoed draag je rechtstreeks op de huid en het bepaalt hoe goed je lichaam vocht kwijt kan. Zelfs bij koude temperaturen kan je zweten, zeker als je stevig doorstapt, een rugzak draagt of hoogteverschil maakt. Als dat vocht op je huid blijft zitten, koel je af — soms meteen, soms pas wanneer je even stopt.
Daarom is katoen als basislaag absoluut uit den boze. Katoen houdt vocht vast en droogt traag. Een nat katoenen shirt blijft koud aanvoelen en werkt alle andere lagen tegen. Beter kies je voor merinowol, synthetische vezels of een mix van beide.
Merinowol: zacht, geurvrij en betrouwbaar
ontdek ons aanbod merinowollen thermisch ondergoed
Veel kwalitatieve onderlagen bestaan grotendeels of volledig uit merinowol. Merinowol is anders dan klassieke wol: een merinovezel is veel fijner, waardoor ze zacht aanvoelt en minder snel prikt. Zelfs mensen die “niet tegen wol kunnen” verdragen merinowol vaak prima. Even passen in de winkel helpt: als het na enkele minuten nog altijd niet kriebelt, zit je meestal goed.
Merinowol heeft nog een paar sterke eigenschappen. Het neemt nauwelijks geuren op, waardoor je het meerdere dagen kan dragen zonder dat het onaangenaam wordt. Het blijft bovendien isoleren wanneer het vochtig is en droogt sneller dan katoen, maar trager dan synthetisch. Dat laatste klinkt misschien alsof het een nadeel is, maar in de winter werkt het vaak net prettig: het zorgt voor een geleidelijkere temperatuurovergang terwijl je shirt droogt, in plaats van een “koude klap”.
Nadelen zijn er ook: merinowol is duurder en minder slijtvast. Daarom bestaan er veel varianten die merino combineren met polyester of andere synthetische stoffen: het comfort en de geurcontrole van wol, met de duurzaamheid van synthetisch materiaal.
Synthetisch: licht, sterk en snel droog
ontdek ons aanbod synthetisch thermisch ondergoed
Synthetische onderlagen zijn doorgaans lichter, compacter en goedkoper. Ze drogen razendsnel en kunnen ideaal zijn bij intensieve activiteiten of als je vaak wisselt van laag. Hou er wel rekening mee dat synthetisch sneller geur vasthoudt. Op een meerdaagse tocht zonder wasmogelijkheid is dat soms minder aangenaam.
Nog een nuance: in de winter kan “supersnel drogen” ook een nadeel zijn, omdat het shirt in korte tijd veel lichaamswarmte kan gebruiken om zichzelf droog te trekken. Merinowol doet dat geleidelijker.
Onze keuze:
Woolpower - Zip Turtleneck 200 als thermische t-shirt
Woolpower - Long Johns 200 als thermische legging.
Laag 2 – Isolatie: fleece, dons of synthetische vulling?
De tweede laag is je warmtebuffer. Ze houdt lucht vast die door je lichaam wordt opgewarmd, en net die stilstaande lucht zorgt voor isolatie. Welke isolatielaag je kiest, hangt vooral af van één simpele vraag: ga je er vooral in bewegen, of vooral in stilstaan? Het antwoord bepaalt namelijk of je beter richting fleece, dons of synthetische vulling kijkt.
Fleece: de veelzijdige klassieker
Fleece is al jarenlang de standaard binnen het drielagensysteem, en dat is niet voor niets. Het is licht, compact en biedt een hoge isolatiewaarde in verhouding tot zijn gewicht. Fleece ademt bovendien zeer goed en blijft ook nog behoorlijk isoleren wanneer het licht vochtig wordt. Dat maakt het een ideale tweede laag tijdens wandelingen, tochten en alle situaties waarin je wisselt tussen inspanning en rust.
De keerzijde is dat fleece niet winddicht is. Draag je het als buitenlaag bij wind, dan wordt de warme lucht die je net vasthoudt snel weggeblazen. Als tussenlaag onder een winddichte jas is fleece echter op zijn best.
Er bestaan grote verschillen in fleeces. Dikkere modellen zijn doorgaans warmer dan dunne, en een strakker aansluitende fleece houdt vaak beter warmte vast. Pile-fleece (met langere vezels) kan extra warm aanvoelen doordat het meer lucht vasthoudt. Sommige modellen hebben een wafelstructuur aan de binnenkant, bedoeld om zweet beter te beheren bij langdurige inspanning. Een rits is geen detail: even openzetten onderweg kan het verschil maken tussen comfortabel stappen en klam worden.
onze keuze:
Patagonia - Men's better sweater jacket
Patagonia - Women's better sweater jacket
Wanneer kom je bij een isolatiejas uit?
Soms wil je nét iets meer warmte dan fleece kan bieden, of zoek je een laag die vooral bedoeld is voor pauzes, koude relaismomenten, kampgebruik of een frisse avondwandeling. Dan kom je al snel uit bij een isolatiejas — en daar heb je meestal twee opties: dons of synthetische vulling.
Veel mensen denken dat dons “warmer” is dan synthetisch. Dat klopt niet. Je kan een donsjas en een synthetische jas even warm maken. Het verschil is dat een donsjas voor hetzelfde warmtebereik bijna altijd lichter, compacter en duurder is. Technisch gezien is dons dus een topproduct, zolang je het in de juiste omstandigheden gebruikt.
Dons vs synthetisch
ontdek onze donzen isolatiejassen
ontdek onze synthetische isolatiejassen
Het grote aandachtspunt bij dons is vocht. Een donscluster bestaat uit heel veel fijne “haartjes” waartussen warme lucht kan blijven zitten. Wordt dons nat, dan klit het samen en verliest het zijn loft (volume). Daardoor zakt de isolatie enorm terug. In het geval van een volledig doorweekte donsjas blijft er nog maar een klein deel van de oorspronkelijke warmte over.
Synthetische vullingen doen het in vochtige omstandigheden beter. Ze zijn opgebouwd uit vezels die hun structuur beter behouden, waardoor ze ook nat nog een aanzienlijk deel van hun isolerend vermogen bewaren. Daarom is synthetisch vaak de veiligere keuze wanneer je verwacht dat je jas vochtig kan worden door regen, natte sneeuw, druppend smeltwater of veel transpiratie (zeker met rugzak).
Praktisch vertaald:
- zoek je een jas voor actieve fases en wisselvallig weer → synthetisch is vaak logischer
- zoek je een jas voor stilstandmomenten of droge koude (hut, kamp, pauzes) → dons is efficiënt
Wat betekenen donslabels zoals 90/10 en 650FP?
Wie graag wat technischer kijkt, vindt op veel donsjassen informatie over de vulling. Een verhouding zoals 90/10 betekent dat de jas 90% dons en 10% pluimen bevat. Dons is het zachte isolerende materiaal, pluimen zijn zwaarder en leveren vooral structuur. Vanaf 80/20 zit je goed, en 90/10 is een mooie stap richting hogere kwaliteit.
Daarnaast zie je vaak een getal met FP (Fill Power), bijvoorbeeld 650FP of 800FP. Dit zegt iets over de veerkracht (loft) van het dons: hoe hoger de fill power, hoe minder donsgewicht je nodig hebt om een bepaald volume te bereiken. Een hogere FP is dus efficiënter, maar niet automatisch warmer: warmte hangt ook af van hoeveel dons er in totaal in de jas zit.
Laag 3 – Bescherming: hardshells en waarom ventilatie het verschil maakt
De derde laag is je beschermingslaag, vaak aangeduid als een hardshell. Dit is de jas die je afschermt van wind, regen en sneeuw en die tegelijk moet toelaten dat overtollige warmte en vocht naar buiten kunnen. Net daar schuilt de uitdaging: een jas volledig waterdicht maken is relatief eenvoudig, ze tegelijk écht goed laten ademen is dat veel minder.
In de praktijk blijft een hardshell altijd een evenwichtsoefening. Hoe slechter het weer en hoe intensiever je beweegt, hoe groter de kans dat je binnenin wat vocht voelt door condens. Dat betekent niet dat je jas faalt, maar wel dat je lichaam meer vocht produceert dan het membraan op dat moment kan afvoeren.
Daarom zijn ventilatieritsen onder de armen (pitzips) zo waardevol. Ze laten toe om snel warmte en overtollige damp kwijt te raken zonder je jas open te ritsen en jezelf bloot te stellen aan regen of sneeuw. Zeker bij stijgen, met een rugzak of tijdens actieve wintertochten maken pitzips vaak het verschil tussen comfortabel en klam.
Waterdichtheid: waterkolom als richtlijn
Waterdichtheid wordt vaak uitgedrukt in mmH₂O (waterkolom). Heel lage waarden (2.000–5.000 mm) zijn in de praktijk onvoldoende voor echte regenbuien of langdurig slecht weer. Vanaf 10.000 mm zit je in een degelijke zone, en 15.000 mm of meer is nog betrouwbaarder, zeker als je met een rugzak wandelt. Een rugzak zet extra druk op schouders, rug en heupen, waardoor water sneller door minder sterke stoffen kan worden “geperst”.
2-laags of 3-laags hardshell?
Bij hardshells kom je vaak de termen 2-laags en 3-laags tegen.
- 2-laags jassen bestaan uit een buitenstof met daaronder een waterdicht membraan. Aan de binnenkant hangt meestal een losse voering. Ze voelen comfortabel aan, zijn vaak iets goedkoper en ideaal voor dagelijks gebruik of lichtere tochten.
- 3-laags jassen hebben het membraan vast gelamineerd tussen de buitenstof en een beschermende binnenlaag. Dat maakt ze duurzamer, slijtvaster en beter bestand tegen intensief gebruik met een rugzak. Ze zijn iets technischer, maar ook betrouwbaarder in uitdagende omstandigheden.
Wie regelmatig de bergen in trekt, veel met een rugzak onderweg is of zijn jas intensief gebruikt, zal het extra comfort en de levensduur van een 3-laags hardshell zeker waarderen.
Tot slot
Als je het drielagensysteem eenmaal snapt, wordt winterkledij vooral een kwestie van slim combineren en bijsturen. Kies een basislaag die je droog houdt, een isolatielaag die past bij je activiteit (fleece, dons of synthetisch) en een buitenlaag die je beschermt tegen wind en neerslag. Voeg daar warme sokken, handschoenen en een degelijke muts aan toe, en je bent klaar voor winterse kilometers.
En vergeet je “inwendige motor” niet: een thermos warme drank en wat energierijke snacks doen soms evenveel als een extra laag.

Hoe kleed je je efficiënt tegen de koude? Het drielagensysteem